Dr. Daan Hollander

Daan Hollander
Functie Nefroloog
Internist
Directeur Dialysecentrum Ravenstein
Specialisatie Interne geneeskunde
Nefrologie
Opleiding Westeinde ziekenhuis – Den Haag
Academisch ziekenhuis – Leiden
Promotie Modifying immunosuppression after renal transplantation: towards more patient oriented strategies. Leiden 1998
Lidmaatschap verenigingen   Nederlandse Internisten Vereniging
Nederlandse Federatie van Nefrologie
Nederlandse Transplantatie Vereniging
European Renal Association-EDTA
American Society of Nephrology

“Je moet nieuwe stappen durven zetten”

Nefrologie is een medisch specialisme dat zich bezighoudt met nieraandoeningen. Het is een onderdeel van Interne Geneeskunde, maar wordt steeds meer een zelfstandig vakgebied. Ik kwam met het vakgebied in aanraking door mijn bijbaan tijdens de studie.

Tijdens mijn studie geneeskunde wilde ik het liefst een bijbaantje hebben, dat ook iets met mijn opleiding te maken had. Zo kwam ik in het tweede jaar van mijn studie op de dialyse-afdeling in Leiden terecht, waar nierpatiënten komen om hun bloed te laten zuiveren van afvalstoffen. Een paar keer per week hielp ik daar van vijf uur ’s middags tot  één uur ’s nachts bij het aan- en afsluiten van de dialysepatiënten aan de apparaten en het uitvoeren van controles. Vooral de klinische lessen van dokter Schicht hebben mij enthousiast gemaakt voor het vakgebied Nierziekten.

Stadsziekenhuis

De eerste drie jaar van mijn opleiding heb ik gevolgd in het Westeinde ziekenhuis in Den Haag. Een ziekenhuis in het centrum van de stad met een mooie hectiek, omdat er heel veel verschillende mensen het ziekenhuis komen binnenlopen. De laatste vijf jaar van de opleiding tot internist-nefroloog zat ik in Leiden, waar ik vervolgens promotieonderzoek heb opgezet en staflid ben geweest. Leiden is een belangrijk niertransplantatie-centrum en mijn onderzoek ging over medicatie bij niertransplantatie. Er zijn veel medicijnen om afstotingsreacties te voorkomen na een transplantatie die elk gepaard gaan met bijwerkingen. Ik onderzocht een aantal strategiën om te komen tot de juiste combinatie van middelen voor een patiënt.

Grootziekengasthuis – Jeroen Bosch Ziekenhuis

Het was altijd mijn doel in een groot opleidingsziekenhuis te gaan werken, omdat je daar veel meer met patiëntenzorg te maken hebt dan in een academisch ziekenhuis. Ook heb je veel meer vrijheid om nieuwe initiatieven op te zetten. Toen ik dan ook gevraagd werd om in Den Bosch te komen solliciteren, ging ik daar graag op gesprek. Ik ontmoette zeer plezierige en professionele collega’s, zodat de deal snel was beklonken.

Protocollen en certificering

Sinds 1996 is er in Den Bosch op nefrologisch gebied een hoop gebeurd, vaak in samenwerking met andere collega’s. Zo hebben we in samenwerking met dialyseverpleegkundigen, diëtisten, maatschappelijk werkers en nefrologen een protocol geschreven voor het traject dat voorafgaat aan dialyse: het predialysetraject. Patiënten met slechte nieren worden nu goed voorgelicht over de verschillende behandelingsmogelijkheden die er zijn, zodat ze bewust kunnen kiezen voor een bepaalde behandeling. Ook hebben we een shunt-overleg ingesteld. Dat bestaat uit een nefroloog, vaatchirurg, radioloog, radiologisch laborant en dialyseverpleegkundige en komt maandelijks bij elkaar om patiënten te bespreken en nieuw beleid te ontwikkelen. Het dialyseren gaat meestal via een shunt. Als die van lichaamseigen materiaal is gemaakt, gaat dat vaak beter dan met een shunt van kunststof. Samen hebben we daar veel protocollen voor ontwikkeld. Ook waren we één van de eerste centra die door Lloyds gecertificeerd zijn volgens de HKZ normen. Vanuit deze kwaliteitsprojecten ontstond ook het idee om het satellietcentrum in Ravenstein op te richten samen met de collega’s in Bernhoven.

  1. Kluin-Nelemans JC, Hollander AAMJ, Fibbe WE, Heinhuis RJ, Brand A. Leucocytoclastic vasculitis during GM-CSF therapy. British Journal of Haematology, 73, 3, 1989.
  2. de Bois MHW, Hollander AAMJ, Vos J, Seelen PJ, Kuijpers HHA, Buurke EJ. Lipofundin MCT/LCT emulsion versus intralipid 10% in patients receiving TPV. Netherlands Journal of Medicine, 35, A 24, 1989.
  3. Hollander AAMJ, Kluin-Nelemans JC, Haak HR, Stern AC, Willemze R, Fibbe WE. Correction of neutropenia associated with chronic lymphocytic leukemia following treatment with granulocyte-macrophage colony-stimulating factor. Annals of Hematology, 62, 32-34, 1991.
  4. Hollander AAMJ, Buurke EJ, Huisman W, Ooms ECM. Vier manifestaties van micro-angiopatische hemolytische anemie. Tijdschrift voor Geneeskunde, 48, 3, 165-172, 1992.
  5. van Saase JLCM, van der Woude FJ, Hollander AAMJ, Graafland AD, van Es LA. Malignancies other than skin tumours in patients using long term immunosuppressive therapy. Netherlands Journal of Medicine, A 43-44, 1992.
  6. Hollander AAMJ. Geschiedenis van de niertransplantatie. In jubileumboek L.V.D.: Samenlopen door omstandigheden, J. Aarnoudse, 1992.
  7. Hollander AAMJ. Prednison onttrekking bij cyclosporine-prednison therapie na niertransplantatie. Wisselwerking, december 1993.
  8. Yard BA, Hollander AAMJ, Reterink T, Bruijn JA, van der Elsen PJ, Claas FHJ, Daha MR, van Es LA, van der Woude FJ. Involvement of minor histocompatibility antigens in the rejection of an HLA identical renal transplant from a living related donor. Proefschrift B.A. Yard, Leiden, 1993.
  9. Hollander AAMJ. Medicijngebruik na een niertransplantatie. Wisselwerking, december 1994.
  10. Hollander AAMJ. Eprex newsletter, Excerpta Medica, 1995.
  11. Hollander AAMJ, van Saase JLCM, Kootte AMM, van Dorp WT, van Bockel HH, van Es LA, van der Woude FJ. Beneficial effects of conversion from cyclosporine to azathioprine after kidney transplantation. Lancet 1995, 345: 610-15.
  12. Hollander AAMJ, van Saase JLCM, van der Woude FJ. Conversion from cyclosporine to azathioprine after kidney transplantation (letter). Lancet 1995, 345: 1503-5.
  13. Hollander AAMJ, van Rooij J, Lentjes EGWM, Arbouw F, van Bree JB, Schoemaker HC, van Es LA, van der Woude FJ, Cohen AF. The effect of grapefruit juice on cyclosporine metabolism in transplant patients. Clinical Pharmacology and Therapeutics 1995, 57: 318-24.
  14. Hollander AAMJ, van der Woude FJ, Cohen AF. Effect of grapefruit juice on blood cyclosporin concentration (letter). Lancet 1995,346: 123-24.
  15. van Saase JLCM, van der Woude FJ, Thorogood J, Hollander AAMJ, van Es LA, Weening JJ, van Bockel HH, Bruijn JA. The relation between acute vascular and interstitial renal allograft rejection and subsequent chronic rejection. Transplantation 1995; 59: 1280-5.
  16. Mertens JCC, Huizinga TWJ, Hagen EC, Hollander AAMJ, Peters AJ, Bruijn JA, Macfarlane JD, Dijkmans BAC. Extracapillary glomerulonephritis in a patient with juvenile chronic arthritis. Journal of Rheumatology 1996; 23: 1633-5.
  17. Bouma GJ, Hollander AAMJ, Doxiadis IIN, et al. In vitro Untersuchungen zur Voraussage von Transplantatabstosungen nach Steroid Absetzung: eine Pilot
    Studie. Transplantationsmedizin 1996, 8:S 1-5
  18. Siegert CEH, Macfarlane JD, Hollander AAMJ, van Kemenade F. Systemic fibromuscular dysplasia masquerading as polyarteritis nodosa. Nephrology Dialysis and Transplantation 1996, 11: 1356-9.
  19. Pruijt JFM, Haanen JBAG, Hollander AAMJ, den Ottolander GJ. Azathioprine-induced pure red cell aplasia. Nephrology Dialysis and Transplantation 1996, 11: 1371-4.
  20. Bouma GJ, Hollander AAMJ, van der Meer-Prins EMW, van Bree SPMJ, van Rood JJ, van der Woude FJ, Claas FHJ. In vitro sensitivity to prednisone may predict kidney rejection after steroid withdrawal. Transplantation 1996; 62: 1422-9.
  21. Hollander AAMJ, de Waal LP, van Bockel HH, Jonker M, Claas FHJ, van der Voort Maarschalk MFJ, Bruijn JA, van Es LA, van der Woude FJ. No tolerance induction with cryopreserved bone marrow cells after allogeneic kidney transplantation and anti-lymphocyte globulin in Rhesus monkeys. Transplant International 1997; 10: 249-50.
  22. Hollander AAMJ, Hene R, Hermans J, van Es LA, van der Woude FJ. Late prednisone withdrawal in renal transplant patients: a randomized study. Journal of American Society of Nephrology 1997; 8: 294-301.
  23. van Ginneken EEM, Jongen M, Bodewes HW, Teertstra HJ, Hollander AAMJ, Jansen JLJ, Koolen MI. Clinical experience with spiral CT angiography in the diagnosis of renal artery stenosis. Netherlands Journal of Medicine 1997, 50: A14.
  24. Hollander AAMJ, van der Woude FJ. Efficacy and tolerability of conversion from cyclosporine to azathioprine after kidney transplantation: a review of the evidence. Biodrugs 1998; 9: 197-210.
  25. Hollander AAMJ. Prednison onttrekking na niertransplantatie. Wisselwerking, april 1998: 54-55.
  26. van der Woude FJ, Hollander AAMJ. New concepts, new therapeutic options after postmortal kidney transplantation. Transplant Proceedings 1998, 30: 2419-4.
  27. Bleeker MWP, Wever J, Hollander AAMJ. Een zeldzame oorzaak van haematemesis. BMC Medisch Journaal 1998; 12: 24-27.
  28. Vleming LJ, van Kooten C, van Dijk M, Hollander AAMJ, Paape ME, Westendorp RGJ, van Es LA. The D-allele of the ACE gene polymorphism predicts a stronger antiproteinuric response to ACE- inhibitors. Nephrology 1998, 4: 143-9.
  29. Koster A., Jansen JLJ, Harthoorn-Lasthuizen EJ, Hollander AAMJ. The effect of intravenous iron administration on iron status and erythropoietin use in hemodialysis patients (abstract). 1999
  30. Schouten JA, Koolen MI, Jansen JLJ, Hollander AAMJ. Can malignant hypertension be treated safely and efficiently on a normal internal medicine ward. The Netherlands Journal of Medicine 2000;56: A12.
  31. Zee v.d. PM, Smits JHM, Koolen MI, de Vries A, Jansen JLJ, Hollander AAMJ, Blankestijn PJ. Duration of efficacy of percutaneous transluminal angioplasty in haemodialysis shunts evaluated by ultrasound haemodilution technique. The Netherlands Journal of Medicine 2000; 56: A93.
  32. Bevers K, Jongen-Lavrencic M, Hollander AAMJ. Polyuria, renal insufficiency and liver test abnormalities during pregnancy. The Netherlands Journal of Medicine 2001; 58: A27-28.
  33. Vegt van der M, Hollander AAMJ, Noordveld RB. Vertebral osteomyelitis by Streptococcus Pneumoniae. The Netherlands Journal of Medicine 2001; 58: A67.
  34. Jonker M, van den Hout Y, Noort RC, Versteeg MFJ, Claas FHJ, van der Woude FJ, Hollander AAMJ, Perico N, Remuzzi G. Immunomodulation by intrathymic injection of donor leukocytes in Rhesus monkeys. Transplantation 2001; 72 (8): 1432-6.
  35. Akol H, Hendriks MP, Koolen MI, Jansen JLJ, Hollander AAMJ. Acute renal failure associated with salmonella enteritidis infection. The Netherlands Journal of Medicine 2001; 58: A69.
  36. Hilkens MGEC, Netea MG, Hollander AAMJ, Jansen JLJ, Koolen MI.. Proinflammatory but not antiinflammatory cytokines, are upregulated in patients with chronic renal failure undergoing peritoneal dialysis. The Netherlands Journal of Medicine 2001;58: A15.
  37. Klein I, Netea M, Hollander A, Jansen J, Piers D, Koolen M. An unusual reversible cause of acute renal failure. The Netherlands Journal of Medicine 2002; 60: A43.
  38. Vegt M, Nyst H, Noordveld RB, Hollander AAMJ. Vertebrale osteomyelitis door Streptococcus pneumoniae. BMC medisch Journaal.90-95, 2002
  39. Bakker RC, Hollander AAMJ, Mallat MJK, de Bruijn JA, Paul LC, de Fijter JW. Conversion from cyclosporine to azathioprine at 3 months reduces the incidence of chronic allograft nephropathy. Kidney international 2003, 64: 1027-34.
  40. Wessels H, Hollander AAMJ. Relatietransplantatie. 2003.
  41. Sharma AM, Hollander AAMJ, Köster J. Efficacy and safety in patients with renal impairment treated with Telmisartan (ESPRIT): an open label, multicentre study in patients with mild to moderate hypertension and mild to moderate or severe renal impairment or requiring maintenance dialysis. 2003.
  42. Lips J, Festen H, Hollander AAMJ. A rare hormonal cause of chronic diarrhoea. Nederlandse internisten dagen 2003, A 71.
  43. Hollander AAMJ, Wessels H. Relatietransplantatie; informatie voor mensen die overwegen bij leven een nier af te staan. 2003.
  44. du Buf PWG, Feith GW, Hollander AAMJ, Gerlag PGG, Wirtz JM, Noordzij TC, Wetzels JFM. Restrictive use of immunosuppressive treatment in patients with idiopathic membranous nephropathy: high renal survival in a large patient cohort. Q J Med 2004, 97 (6): 353-60.
  45. Julius S. for the Value trial group. Outcomes in hypertensive patients at high risk treated with regimens based on valsartan or amlodipine: the Value randomised trial. Lancet 2004, 363: 2022-31.
  46. Branten AJW, du Buf PWG, Klasen IS, Bosch FH, Feith GW, Hollander AAMJ, Wetzels JFM. Urinary excretion of B2-microglobulin an IgG predict prognosis in idiopathic membranous nephropathy: a validation study. J Am Soc Nephrol 2005, 16 (1): 169-174.
  47. Wolfenbuttel BHR, et al on behalf of the Dutch Corall study group. Cholesterol lowering effects of rosuvastatin compared with atorvastatin in patients with type 2 diabetes-Corall study. Journal of of internal Medicine 2005, 257: 531-539.
  48. Dieker H, Hoogeveen E, Hollander AAMJ. The wolf and the white raven: diffuse alveolar hemorrhage in SLE. Nederlandse internisten dagen 2009.
  49. Sleegers MJM, Hardon WJ, Berden JHM, Conemans JMH, Hollander AAMJ, Dautzenberg PLJ, Hoogeveen EK. Reversible rapidly progressive dementia with parkinsonism induced by valproate in a patient with systemic lupus erythematosus. Journal of the American Geriatrics Society 2010, 58: 799-801.
  50. Hollander D, Derksen J, Hemmelder M. Het is tijd dat de rekenmeesters van VWS hun fouten erkennen. Financieel Dagblad, 2010, 16-8-10.
  51. Kampschreur LM, Wegdam-Blans MCA, Thijsen SFT, Groot CAR, Schneeberger PM, Hollander AAMJ, Schijen JHEM, Arents NLA, Oosterheert JJ, Wever PC Acute Q fever related in-hospital mortality in the Netherlands. In-hospital mortality to acute Q fever in the Netherlands. The Netherlands Journal of Medicine 2010.